Hoofdtelefoons met Smart Pause gebruiken ofwel IR-sensoren of capacitieve sensoren.
- IR-sensoren: Gebruiken lenzen in de oorstukken om uw oren te detecteren.
- Capacitieve sensoren: Meten de afstand tussen de oorschelpen.
Als uw hoofdtelefoon geen IR-sensoren heeft (controleer uw handleiding), dan gebruikt deze capacitieve sensoren.
Als Smart Pause te gemakkelijk activeert
IR-sensoren
- Stel de positionering van het oorstuk bij om ervoor te zorgen dat de sensor correct registreert.
- Als u oordopjes heeft, probeer dan een andere oordopje- of oorhaakgrootte.
Capacitieve sensoren
- Zet de hoofdtelefoon aan, wacht even en zet ze dan op uw hoofd. Dit helpt de sensor correct te kalibreren.